Duindoorn en de Bloedblaartjes

Zo’n tweeëneenhalve week heb ik rondgelopen met een duindoorn in mijn rechtervoet. Ik denk dat deze zich op 20 februari een weg gebaand moet hebben door de olifantenhuid onder mijn voet. Die zaterdag liep ik (met fivefingers aan) van mijn huis naar station Overveen om enkele minuten later per trein naar Zandvoort te rijden. Daar liep ik zuidwaarts door het dorp en nog een stukje over het fietspad richting Langevelderslag. Daarna (blootsvoets)het strand op om via Parnassia en de duinen weer naar huis te lopen. Bij de Oosterplas kwam ik nog een groepje met o.a. Ruud en Paula tegen. Bij ingang Bleek en Berg wilde ik mijn schoenen weer aandoen, maar ik besloot het niet te doen. Ik wilde weten hoe het fijne grind op de parkeerplaats aanvoelde. Normaal gesproken pijnlijk als je er overheen wandelt. Maar nu, met half verdoofde koude voeten er overheen rennend, was pijnloos. Ik werd wat overmoedig en liep vervolgens blootsvoets naar huis. Ik was een beetje onvoorzichtig geweest, want ik had, zo leek het, twee bloedblaartjes ter grootte van een spijkerkop. Eén op mijn rechter grote teen en één op mijn rechter voorvoetzool.

Daarna heb ik nog flink wat hardlopen. O.a. een week later, met Ruth, 30km, probleemloos, blootsvoets over het strand. Tijdens het lopen had ik geen last, maar na thuiskomst voelde ik regelmatig een venijnige steek onder mijn voet. En zo groeide het vermoeden dat er iets in mijn voet zat, dat er niet in thuishoorde. Ondertussen probeerde ik het zoveel mogelijk te negeren.

Gisteren ging ik weer een rondje rennen door de duinen en hield angstvallig mijn schoenen aan. Met schoenen aan ging het redelijk goed, maar wel af en toe een lichte steek als mijn voet precies met de gevoelige plek op een boomwortel of iets anders hards terechtkwam. De laatste anderhalve kilometer moesten toch de schoenen maar even uit. Dat ging op zich ook wel, maar ik begon me wel serieus zorgen te maken over de 42 blootsvoetse kilometers van aanstaande zondag. En thuis weer die steken. Ik begon zelf op de zijkant van mijn voet te lopen en besloot dat er iets aan moest gebeuren.

Ik vroeg Ruud om raad. Ik vertelde dat ik iets in mijn voet had, maar het niet goed kon lokaliseren. Waar moet je dan in je voet prikken om iets eruit te halen. Ik vertelde ook dat er ongeveer op de plek van de steken een klein bloedblaartje zat. Omdat hij het wel vaker had meegemaakt wist hij meteen dat dit de plek was waar het voorwerp zat en hij wist ook dat het een duindoorn was.

Vandaag had ik genoeg moed verzameld om een poging te doen om de doorn uit mijn voet te verwijderen. Een naald steriel gemaakt, de plek waar ik moest zijn ontsmet, goede verlichting erbij en de operatie kon beginnen. Met de naald maakt ik een gaatje in de ‘bloedblaar’. Er kwam een beetje lichtrood vocht uit. Enkele ogenblikken later zag ik een zwart puntje. Ik hoef niets anders te doen dan met verbazing te kijken hoe daar de volledige doorn uit zichzelf naar buiten kwam zetten. Hij zat blijkbaar al te wachten om vrijgelaten te worden. Zo eenvoudig had ik het me niet kunnen voorstellen.

Pleister erop en even testen of ik nu weer zonder steken door de kamer kon lopen. Dat ging goed. Al moest ik mezelf even later betrappen dat ik weer op de zijkant van mijn voet liep. Dat hoeft nu dus niet meer! Lopen zonder pijn, hoe blij kan je dan zijn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.