De Canigó is de hoogste piek in het oosten van de Pyreneeën. Vanwege de scherpe flanken en de in het oog springende locatie in de buurt van de kust, werd tot de 18e eeuw deze piek beschouwd als de hoogste berg in de Pyreneeën. Omdat wij een paar dagen verbleven in Perpignan en deze berg vanaf daar binnen een uur te bereiken met de auto, was dit een perfecte kans voor een dagje klimmen en dalen.
Ik vertrok met zonsopgang, om genoeg uren daglicht tegoed te hebben, kwam aan in het bergdorpje Fillols op 750m en parkeerde de auto. Nadat ik weer moest uitzoeken hoe de navigatie op Wikiloc werkte ging ik op pad. Eerst een stukje het dorpje zonder horizontale straten door alvorens op de onverharde paden te komen. Hier gingen de hoogtemeters al meteen flink in de plus. Vooralsnog kon er niet hardgelopen worden.
Al waren er heel spaarzaam hier en daar stukjes naar beneden, ze hadden een ‘voorzichtig, breek geen benen’ ondergrond met ontelbare uitstekende keien en/of boomwortels. En hier was ik nog maar op een flauwe helling. Hierna ging het serieus omhoog in haarspeldpaadjes waar geen eind aan leek te komen.

Toch stond ik ineens (na uren klimmen) op een plateau. Col de Voldemort, volgens de toevoeging van iemand, waar ook nog (terreinbestendige) auto’s bleken te kunnen komen via een pad aan de andere kant. Mijn route volgde dit brede pad verder (vals plat) omhoog. Hier leek ook al geen eind aan te komen. Onderweg zag ik een huisje staan. Ik vermoed een schuil- en of berghut. Buiten was een klein waterbassin waar vermoedelijk drinkbaar bergwater in stroomde. Ik kon de hut niet verder inspecteren omdat er net een stel uit tevoorschijn kwam en ze hadden een grote hond mee die mij op afstand hield.

Ik vervolgde mijn weg op het brede pad en kwam uiteindelijk bij een serieuze bergaccomodatie. Vanaf hier werd het wat drukker en ik kwam regelmatig bergwandelaars tegen die mij tegemoet kwamen, waarschijnlijk kwamen ze van de top. Het brede pad stopte op deze plek om de buitenpost te kunnen bevoorraden. Vanaf hier was er weer gewoon een single track met uitstekende (niet uitstékende) keien. En langzaamaan nam het aandeel keien toe in de paden.

Ik droeg een korte broek en een t-shirt, maar het begon frisjes te worden. Veel wind, steeds minder bomen. Gelukkig had ik het nog warm van het klimmen. Toen ik op onbeschutte kale hellingen kwam werd het toch te koud en besloot ik mijn regenjack aan te trekken.

Gaandeweg was het pad minder goed te onderscheiden. Er stonden nog wel paaltjes met daarop de hoogte vermeld die aangaven dat je van richting moest veranderen (haarspeldpaadjes). De route was gemarkeerd met geschilderde strepen op de rotsen. Uiteindelijk raakte ik een paar keer van het ‘pad’ waardoor ik mij klauterend over de keien en rotsen een weg naar boven baande.

Onder mij zag ik een man met een fiets op zijn schouder. Hij leek sneller te gaan dan ik. Dat klopte want niet veel later haalde hij mij in. Ik maakte gauw een foto, want anders zouden de lezers dit niet geloven. Het was inmiddels niet zo ver meer naar boven. Nog een paar honderd meter over de keien. Het was behoorlijk steil en het begon ook een beetje eng te worden. Gelukkig stond ik even later zonder kleerscheuren op de top.

De top was niet groot en er stonden al 3 andere klimmers, waaronder die met de fiets. Ze maakten foto’s bij het kruis. Het weidse uitzicht was aan mijn ogen onttrokken door een wolk die over de berg hing. Ik maakte ook snel een paar foto’s en ging op zoek naar het pad voor de afdaling aan de andere kant van de top. Ik zag tientallen meters lager wel iemand lopen en concludeerde dat hier het pad naar beneden was, maar het was te steil en te gevaarlijk voor mij. Ik heb er helaas zelf geen foto van gemaakt, maar zie hier hoe dat er uitzag. Ik wilde ook geen grotere risico’s nemen dan noodzakelijk, dus ik besloot de weg terug te nemen waar ik vandaan kwam.

Naar beneden vergde nauwelijks longcapaciteit, maar het parcours was dusdanig technisch dat het niet sneller ging dan de heenweg naar boven. De lange brede paden gingen wel iets sneller maar mijn blessure speelde hier op. Toen ik beneden mij de schuilhut in beeld kwam zag ik daar twee dieren die ik niet kon identificeren. Dit moeten, nu ik het kan opzoeken, bergmarmotten zijn geweest. Ik denk dat ze door mij gestoord werden tijdens het drinken uit het waterbassin.
Toen ik uiteindelijk op de haarspeldpaadjes was deden mijn benen pijn en heb ik mijn stokken tevoorschijn gehaald voor extra balans en ondersteuning. Al met al was het toch weer flink afzien. Deze afstand van ruim 26 kilometer met 2 kilometer klimmen en dalen is vergelijkbaar met mijn beklimming van de Mulhacén, al was dat 700 meter hoger en dus zwaarder vanwege de ijlere lucht.
| Afstand | 26,66 km |
| Positief hoogteverschil | 2.050 m |
| Negatief hoogteverschil | 2.050 m |
| Max hoogte | 2.785 m |
| Min hoogte | 731 m |
| Tijd in beweging | 6 uren 32 minuten |
| Tijd | 7 uren 49 minuten |

Geef een reactie