Afgelopen weekend was ik met mijn dochter naar de Ardennen waar wij verbleven in het huisje van mijn broer. We vertrokken vrijdagavond. In het aardedonker kwamen we aan. Het grote licht bewees dienst tijdens de laatste paar honderd meter over de kapotgereden weg die regelmatig op provisorische wijze met een lading grove stenen wordt ‘gerepareerd’, met een aardige kans op een lekke band. Gelukkig bleef de luchtdruk in de banden behouden en bereikten we heelhuids het huisje. Na een speciaalbiertje en tijdens voorlezen uit het nieuwste boek van de Hunger Games viel ik in slaap.
De volgende ochtend was ik vroeg wakker en maakte mijn inmiddels vast hardlooprondje met de Muur van Maboge als hoogtepunt. Vanaf het huisje is het eerst licht afdalen over het pad tot je op een scherpe punt van de hoogvlakte bent en steil naar beneden moet. Daar rechtsaf, een bruggetje over en naar links. Een stukje single track tot de beek, een paar grote stappen over de beek via een grote steen en via een karrespoor licht afdalen tot de Ourthe bij Maboge. Meteen voor de brug naar links en daar begint de ellende. Met de ademhaling nog op orde vol goed moed naar boven, rustig aan beginnen want even later wordt het zwaar. Dat ‘rustig aan’ blijkt bij lange na niet rustig genoeg want het is hier steil, heel steil. Stevig naar boven wandelen is, voor mij, ook even later geen optie meer. Hijgend en klauterend naar boven dan maar, de benen verzurend door het zuurstofgebrek en de ademhaling op de hoogste stand waarbij de longinhoud een beperkende factor is. Als je deze beklimming nog niet zo goed kent zijn er punten waarbij je denkt bijna boven te zijn, maar na een bochtje volgt dan weer de aanblik op een ontzagwekkende hoogte waar naartoe geklommen moest worden. Dat allemaal relatief want de hoogste top in dit rondje is net boven de 400m zit. De beklimming van rond de 170 meter, maar desondanks duidelijk te zien in dit hoogteprofiel.

Uiteindelijk gaat het pad ineens vrij snel over tot een nog vals plat stukje verder omhoog. Niet vlak genoeg om rustig rennend weer op adem te komen, dus ook hier wandelde ik door. Vanaf het hoogste punt kon er weer begonnen worden met een oplopende looppas en liep ik door tot aan de grote weg, even een stukje op die weg en bij het containerpark naar links. Daar de splitsing rechts en weer licht hellend naar beneden. Hier waren net van die grove stenen gestort waarbij je als het ware langs de spoorbaan liep. Het zijn geen afgeronde rivierstenen, maar afgehakte stenen met scherpe kantjes. Dezelfde als op het pad naar het huisje waar je daardoor kans hebt op een lekke band. Even later linksaf het bos in. De stenen gingen over in een vlak gemaakt breed pad waar onlangs zwaar materieel over is geweest om weer een flink perceel van zeer hoge dennen te ontdoen. Hier was het goed lopen. Veelal licht dalend. Waar dit pad eindigt ging ik een zijpad naar rechts in. Behoorlijk steil naar beneden waarbij ik bij de beek uitkwam. Waar deze beek even verderop tientallen meters breed is door beverdammen is die hier smal genoeg om met een grote stap over te steken. Vanaf hier was het dezelfde weg terug als het beginstuk. Even later weer die steile, maar relatief korte klim en daarna vals plat tot het huisje.
Even later zag ik op Strava dat ik mijn PR op de beklimming van de Muur van Maboge had verbroken met 24 seconden.
Voor daarna had ik een wandeling uitgekozen. Het parcours van de 25km van de Trail des Fantomes van 2014 die ik had gevonden op WikiLoc. Niet ver bij het huisje liep dat parcours, dus daar stapten we in. Na een tijd lopen bleek dat we de rivier moesten oversteken. Dat was ik weer even vergeten, maar er zitten meestal diverse rivieroversteken in de Trails des Fantomes. Ik had het dus ook van tevoren niet aan mijn dochter vermeld. Na enige aarzeling bleek ze bereid om de oversteek te wagen. Het water stond op het diepste punt tot halverwege de schenen. Daarna de voeten laten drogen en de schoenen weer aan. Veel klim- en daalwerk, smalle paadjes met dichte begroeiing, mooie uitzichten. Na vele uren werd mijn dochter moe en kozen we voor een kortere route terug naar het huisje. Bij Maboge streken we neer in de tuin van de café waar ze druk bezig waren met de voorbereiding van een feest in de avond. Na deze pauze was het, iets lichter in het hoofd, nog een klein half uur om terug te komen.
Eerst gras maaien, daarna reden we met de auto naar La Roche om nog wat boodschappen te halen en om een hapje te eten. Eenmaal terug in het huisje was het vroeg naar bed en goed slapen.
De volgende ochtend deed ik nog een keer hetzelfde rondje met de Muur van Maboge. Ik deed erg mijn best om tempo te maken en het lukte wonderwel om weer 19 seconden van mijn PR af te snoepen.
De afvoer van de douche liep niet goed door dus ik ging aan de slag om te checken waar het probleem zat. Het sifon was nog nagenoeg schoon. Het euvel moest ergens anders zitten. Ik had geen ontstoppingsveer dus gebruikte de doucheslang om een stukje in de afvoer te poeren. Daarna alles weer in elkaar schroeven en testen. Het water liep nog steeds niet goed weg en het sifon bleek te lekken. Na het nogmaals goed aangedraaid te hebben en nogmaals bleek het nog steeds te lekken.
We gingen op weg naar de Gamma in Bastogne om een nieuw sifon te halen. Deze bleek dicht. Alle bouwmarkten in de wijde omgeving waren dicht (op zondag), behalve één. Weer een heel stuk rijden, naar Rendeux. De op GoogleMaps gevonden (open) bouwmarkt bleek niet meer te bestaan. Het was nu een asielzoekerscentrum. Bij de naastgelegen supermarkt kochten we wat broodjes en we vertrokken weer.
Op de heenweg zagen we een dode kat op de weg liggen. Op de terugweg lag deze er nog. Dat kat zag er nog redelijk heel uit, dus ik heb hem in de berm gelegd, om te voorkomen dat er auto’s overheen zouden rijden. Wat voor het personeel van de kat een stuk minder onprettig is.
We parkeerden de auto bij het containerpark om niet nogmaals over dat onbegaanbare pad naar het huisje te hoeven. Ik zei: het is vanaf hier 10 minuten lopen naar het huisje. Dat bleek een half uur te zijn. We pakten onze spullen, maakten het huisje aan kant en liepen terug naar de auto. Toen bleek ik de sleutels van het huisje in mijn zak te hebben gestopt in plaats van in het sleutelkluisje. Ik moest dus wéér terug en besloot hardlopend te gaan en was in 25 minuten weer terug bij de auto.
Na wachten op een groep motorrijders die in La Roche aan het tanken waren konden wij eindelijk de auto volgooien en reden naar Maastricht. We reden een parkeergarage in onder het Vrijthof. We kwamen boven midden in een drukke kermis. Omdat het inmiddels etenstijd was ontvluchtten we snel deze drukte en aten ergens een patatje en dronken koffie. Daarna reed mijn dochter ons in één ruk naar huis.


Geef een reactie