Het was weer tijd voor de jaarlijkse VIAD-test, georganiseerd door onze eigen loopgroep. Ik had er nog nooit van gehoord, maar vernam dat je met deze testresultaten je omslagpunt kan berekenen. Dit is je hartslag waarbij je spieren nog net niet verzuren. Het idee is dat je het lopen op deze hartslag lang kunt volhouden waardoor je op een hele efficiënte manier kunt trainen. Je kunt daarmee sneller en korter trainen voor je volgende wedstrijd terwijl je bovendien nog sneller wordt en nieuwe PR’s kunt lopen.
Hoewel we er wel vaker komen is de setting die ik aantref uniek. Het vindt plaats bij het Halve Maantje, een halvemaanvormige vijver op de Lage Duin en Daalseweg in Bloemendaal, met daarbinnen een weiland met koeien, met speciaal voor deze gelegenheid rondrennende en -springende kalfjes. Er omheen fraaie villa’s met prachtige heuvelachtige tuinen. Rietkragen, waterlelies, brandnetels, dikke bomen, paarden, ganzen, eenden, meerkoeten, ooievaars en tal van flierefluiters hoog in de bomen. Het is hier in meerdere opzichten adembenemend. Het was redelijk frisjes, veel donkeren wolken en af en toe een zonnetje. Optimaal weer om naar de maan te lopen.
Ter voorbereiding zetten de trainers per 100 meter een oranje hoedje neer. Om te zorgen dat de route één kilometer is, is de route verlengd tot even voorbij de Bloemendaalse Schoolvereniging. Wij mogen het schoolplein gebruiken als basis.
Alle deelnemers die al aanwezig zijn (de snellere arriveren later) ondergaan de briefing van Arno. Ik noteer de namen en de instapsnelheden, misschien heb ik er iets aan voor het schrijven van dit verslag. Even later gaat de eerste delegatie richting start voor de eerste ronde.
Het start op 8 km/u met Marjan als enige deelnemer. Arno geeft een fluitsignaal en het is begonnen. Tom fietst voor. Elke honderd meter blaast Sjaak hard op zijn fluit en moet je zorgen bij of voorbij het hoedje te zijn. Als je op tijd bij het tiende hoedje en tevens eindpunt bent wordt je hartslag genoteerd, heb je een minuut pauze en wordt opnieuw je hartslag geregistreerd en begint een nieuwe ronde, maar dan een halve kilometer per uur sneller. Bij elke nieuwe snelheid kunnen er nieuwe deelnemers instappen. Ze hebben van tevoren hun loopsnelheid op de 10 km doorgegeven. Op basis daarvan wordt het instapmoment bepaald zodat je ongeveer 8 rondjes loopt.
Het gaat in de eerste instantie nog tergend langzaam. Het duurt eeuwen voor het groepje klaar is met de kilometer. Maar het gaat gelukkig steeds iets sneller en de groep wordt steeds groter, al vallen er inmiddels ook al weer mensen af. Zo stapt Ezra Bij 10 km/u in en bij 10,5 km/u stapt Marjan uit. Zo rond de 12 km/u is de groep het grootst met 13 lopers. Af en toe poog ik wat leuke plaatjes te schieten.
Ik begreep dat bij het noteren van de hartslagen op de lijsten een voorspellende waarde te halen was over deelnemers die de volgende ronde uit zouden vallen. Als het verschil tussen de aankomsthartslag en vertrekhartslag (na 1 minuut) te klein wordt is het herstelvermogen te klein geworden en begin je aan een kansloze missie.
Bij 14 km/u, inmiddels liggen er op en rond het parcours een aantal slachtoffers op apegapen (zo had ik het mij voorgesteld, in werkelijkheid viel het mee), terwijl drie snelle lopers, Rob, Marcel P en Gerber, zich bij de groep hebben gevoegd. Er zijn nu nog 8 deelnemers in de race. Je kan inmiddels je kont niet meer keren of ze zijn al weer terug.
Het snelheidsverschil is bij elke deelnemer ongeveer 4 km/u. Het verschil tussen lekker inlopen en met je tong op je schoenen lopen in de 8e ronde.
Op 15 km/u begint Ezra naar adem te snakken, hij raakt achter en haalt het rondje niet. Na afloop zei hij: ‘ik heb het gevoel dat ik moet overgeven.’ Toen ik later zijn Stavaregistratie bekeek zag ik dat hij de vorm van een kapotgeslagen racket had gelopen. Dit verbeeldt wellicht het gevoel dat hij had nadat hij zichzelf had opgeblazen op zijn laatste rondje.
Vol ontzag kijken de toeschouwers naar de deelnemers, en naar Maria die in de lucht lijkt te verschijnen. Halleluja!
De afvalrace is in volle gang. Met 17 km/u zijn er nog 4 in het veld. Met 18 km/u nog slechts 2: Marcel en Gerber. Bij 18,5 km/u begint zelfs Marcel naar adem te happen. Gerber is de last man standing aan de start voor de 19 km/u. Ik begreep dat deze snelheid nog niet eerder was voorgekomen bij onze loopgroep. Het was mooi om hem deze ronde te zien lopen tussen het knipperen met de ogen door. De laatste 100 meter was op pure wilskracht dus hij wist dat doorgaan geen optie meer was.
Iedereen probeert de eigen schaduw voorbij te lopen tijdens het uitpersen van het laatste rondje. Deelname aan deze VIAD-test is bij de inschrijving al een hoogstaande prestatie. De meesten weten precies wat ze te wachten staat. Je denk wel drie keer na. Vandaar waarschijnlijk dat slechts 17 van de 150 leden deze kans hebben aangegrepen. Ook ik had deze moed niet, maar had me wel opgegeven als vrijwilliger, maar die waren er reeds genoeg. Ik was er desondanks als nieuwsgierige toeschouwer, met het plan om er een stukje over te schrijven. Maar na dit spektakel aanschouwd te hebben en nu het idee erachter ken overweeg ik volgend jaar ook mee te doen.


Geef een reactie