Zeer vroeg ochtendrondje

Toen mijn dochter weer eens erg laat thuiskwam, werd ik weer eens erg vroeg wakker. Klaarwakker. Ik ging eruit, nam een kop koffie en reed naar de Bergweg. Rugzakje om en lopen maar. Het was inmiddels 5 uur en al licht. Na een klein stukje lopen nam ik eerst een duik in de Oosterplas, deed mijn schoenen niet aan en liep toen via o.a. het Laarzenpad (dicht vanwege ‘hoog water’ terwijl het bijna kurkdroog was) en opgang Parnassia het strand op. Er stond een aardig windje uit het zuidwesten. Ik liep een stukje noordwaarts en ging er weer af bij Kattendel. Ik liep nog even lang het meertje zonder naam om er een paar foto’s te nemen en ging vervolgens weer terug richting Oosterplas. Het was inmiddels 6:30 en er was al (of nog) een groepje jongeren. Ik vermoed dat ze hier vannacht na het stappen terecht zijn gekomen.

Meertje zonder naam
Nieuwsgierig hert
Oosterplas wordt wakker

Avondrondje

Wat later op de avond stalde ik mijn fiets in de duinen. Ik had mijn bril niet op en begon te lopen. Ik zag iets vreemds naast het pad liggen maar besteedde er geen aandacht aan. Ik zwom in het meertje zonder naam. Een ree die blijkbaar wat wilde komen drinken zag mij en liep ongelaafd weer weg. Daarna trok ik geen schoenen aan. Ik moest opschieten, want de zon dreigde onder te gaan. Ik ging sneller lopen. Toen ik een fietspad passeerde reed er een boswachtersauto voor mij langs. Deze stopte niet, hoewel de zon volgens mij zojuist onder was gegaan. Ik voerde mijn snelheid flink op. Het vreemde iets naast het pad lag er nog en bleek een dode kip te zijn. Heel eigenaardig. Even later stapte ik op mijn fiets en haastte mij de duinen uit. Vlakbij de uitgang reed de boswachtersauto mij tegemoet en stopte weer niet. Blijkbaar is er een tijdsmarge na zonsondergang waarbinnen mensen die zich richting de uitgang bewegen niet worden aangesproken en/of bekeurd.

Barefoot Crew loopt halve Marathon Amsterdam

Het was op een recordwarme oudewijvenzomerdag halverwege oktober. Een paar maanden eerder hadden we besloten om met 21 blootpootapen mee te doen aan de halve marathon van Amsterdam.

Met de bus van Haarlem naar het Olympisch Stadion, dat was voor mij de snelste optie. Eenmaal ingestapt was ik 26 minuten later op 9 minuten loopafstand van het stadion. Ik had voor de zekerheid een screendump van een kaartje gemaakt om de weg te vinden maar dat bleek niet nodig. Een massa felgekleurde mensen bewoog gestaag een zekere richting op. Ik ging op in die massa. Even later was het de kunst om op de afgesproken plek te komen, de brug achter het stadion. Maar er waren daar 2 bruggen. De verzamelplek werd bij een boom tussen de 2 bruggen in. Ik liep wat rond met de Crazy Barefootvlag om de barrevoeters te verzamelen. We kregen fraaie Barefoot Crew hemdjes en startnummers.

We moesten door een soort menselijke stroopachtige massa ons startvak proberen te bereiken. Aan het startschot te horen waren we ongeveer op de juiste tijd en plaats. We bewogen mee met de stroom die uiteindelijk van wachten, slenteren, wandelen, dribbelen en joggen, overging in slalommend hardlopen. 1 ding was van belang: Volg de Crazy Barefootvlag.

Na een paar kilometer kwam er wat meer lucht tussen de lopers. Ruud, de vlagdrager, zweepte met succes de toeschouwers op en kreeg ze telkens zover om ons aan te moedigen. Hij sprak ook veel lopers, die het zichtbaar zwaar hadden, moed in. Ondertussen bleek dat het asfalt van Amsterdam niet echt comfortabel loopt. Mijn blootsvoetse trainingen hadden voornamelijk plaatsgevonden op duinpaden, fietspaden en stoepen, en niet op de rijweg. Ik zocht de gladde witte wegbelijningen op om mijn voeten enigszins te ontzien. Ondanks dat er soms maar 1 van de 4 voetlandingen op een onderbroken streep kwam, gaf dat toch verlichting. De structuur van de weg was op zich aanvaardbaar, maar met nog zoveel kilometers te gaan maakte ik mij wel zorgen. Ik had mezelf nadrukkelijk geen blaren beloofd.

De verzorgingsposten boden bananen, water en sponzen. Ik at banaan maar liet de sponzen en bekers staan. Ik ben er op tegen om spullen eenmalig te gebruiken. We baanden ons een wegover de natte weg met weggegooide bekers en sponzen die gemiddeld 2 seconden in gebruik zijn geweest. Die natte sponzen liepen overigens wel zo lekker dat ik wenste dat het hele parcours van natte spons was.

Ik had van tevoren het parcours niet bestudeerd, dus ik was onaangenaam verrast toen we het Vondelpark inliepen. Ik kende het gematigd grove asfalt daar. Mijn getergde voeten begonnen pijn te doen. Ik raakte daardoor ook achter op de vlagdrager. Op een gegeven moment zag ik ineens Ruth (natural running coach en organisator van deze stunt) vlakbij lopen. Ze begon te versnellen om de vlag bij te halen en ik volgde. Nog een paar kilometer. Weer rotwegdek met amper belijning.

Gelukkig kregen we het stadion in beeld. Met de comfortabele oranje verende ondergrond van de atletiekbaan in het vooruitzicht kon ik mijn zorgen laten varen. Met rauwe voeten en wonder boven wonder zonder blaren over de finish in 02:07:56. Naast de baan was heerlijk gras dat voor ons dienst deed als blusdeken.

Iedereen bleek witte stukjes op de voeten te hebben. Kartonnen bekerpulp van bij de drinkposten. We feliciteerden elkaar en bewogen als teerzand naar de uitgang. Ik had mijn Luna’s bij me en was blij om ze onder mijn voeten te kunnen binden. Na wat bijkomen, wat foto’s en wat napraten ging ieder zijns/haars weegs.

Ik besloot de metro te pakken naar Centraal. Bij het metrostation kwam ik terecht in een ingedikte modderstroom. Een perron vol mensen drong de metro in. Eenmaal vertrokken bleek deze voor mij de verkeerde kant op te gaan. Even later stapte ik het eerstvolgende station uit om in alle rust in de metro in tegengestelde richting te stappen. Elke halte stapten er felgekleurde mensen met dikke schoenen uit totdat ik ineens een uitzondering was en de medepassasiers mij vreemd aankeken met mijn Barefoot Crewhemd met startnummer.

Thuis kreeg ik mijn voetzolen niet meer schoon. Alsof het Amsterdamse asfalt vers onder mijn voeten getatoeëerd was. En zo voelde het ook.

Dronken Del

Gisteravond liep ik blootsvoets een rondje door Nationaal Park Zuid Kennemerland. Ditmaal een verlengde versie van de Groene Route vanaf Bleek & Berg. Ik liep over de Dronken Delweg die overgaat in de Ezelweg. Maar in plaats van de Ezelweg te nemen, dan zou mijn rondje te groot geworden zijn, sloeg ik linkaf, illegaal, de Waterleidingweg op. Dit maar een klein stukje, want even later kon ik het parallel lopende Iepenpad nemen. Via het Lage Zeeveldspad kwam ik weer terug op de Groene Route.

Als je de kaart van NPZK bekijkt zie je de merkwaardigste namen zoals: Houtglop, Poppy’s kop, Dronken Del, Kattendel, Lattendel, Starredel en Vossendel, Gleuf, Adam’s Vlakje, Kaasvlak, De Hel, Verbrande Huis, Luizenpan. De benamingen van deze stukjes duin maken me nieuwsgierig naar de oorsprong ervan.

In een eerder stukje heb ik al eens een paar betekenissen kunnen achterhalen.

Ik beklom nog twee keer de Starreberg, liep in een rechte lijn, cross-country richting de Oosterplas. Hier liep ik een flinke verzameling duindoornstekels in mijn voeten op. Ik kon ze er eenvoudig weer uittrekken, behalve één. Ik nam nog een korte duik en strompelde richting de ingang en hoorde behalve allerlei vogels ook gejoel van jonge mensen en zag overal geparkeerde en liggende fietsen. De zon was inmiddels onder de horizon. Toen ik even later de zandvlakte vlakbij de ingang passeerde zag ik daar tientallen, misschien wel honderd of meer tieners schreeuwen, lachen, zitten en staan. Onderweg naar huis zag ik nog meer groepjes zandhangers aan komen fietsen richting de duiningang.

Thuis kon ik de stekel zonder al teveel moeite verwijderen met een naald, een pincet en een felle lamp.

Vanmorgen was ik vroeg wakker, even voor 4:00. Normaal gesproken ga ik dan een poging doen om weer in slaap te vallen. Ditmaal niet. Ik zette de radio aan en even later hoorde ik gestommel boven. Mijn dochter moest de bus van 5:07 op het station halen om naar Schiphol te gaan. Niet voor een vakantie maar om er te werken. Het regende flink. Mijn aanbod om haar met de auto naar het station te brengen sloeg ze niet af. Daarna had ik nog wel zin om nog een rondje door de regen te hardlopen. Ik reed vanaf het station door naar de parkeerplaats bij ingang Bleek en Berg. De jongeren waren verdwenen en hadden plaatsgemaakt voor hun afval. Het leek wel een verlaten festivalterrein. De hele parkeerplaats lag bezaaid met blikjes, flessen, bekertjes en kapotte fietsonderdelen, voornamelijk achterlichten. Ook lag er een kampeerder in het bushalte-achtige hokje met de parkeerbetaalautomaat. Toen ik terugkwam na een rondje van 5.5km + een stukje zwemmen was deze verdwenen. Naar mag ik aannemen weggespoeld en verkleumd door de regen. Dat bushokje was niet bepaald waterdicht. Ik was ook doornat maar desondanks niet koud. Het is tenslotte zomer. Vanmorgen vroeg was het reeds 17 graden.

‘Schoenen verloren?’

Deze ochtend, eigenlijk was het nog net nacht, ging ik de duinen in voor een rondje door de regen en een stukje zwemmen. Omdat ik een uitdaging bij Strava had aangeklikt, 2500hm in juli, en het is 1 juli, besloot ik alvast wat hoogtemeters te maken. Aan de noord-oostzijde van de Oosterplas rijst een duintop van een meter of 11 op, alwaar ik 10x ophoog klom. Omdat ik het daar erg warm van kreeg zocht ik even wat afkoeling in het water. Ik zwom naar de overkant terwijl het steeds harder begon te regenen. Toen ik terugzwom meende ik in de verte onweer te horen, dus haastte ik mij weer terug. Ik liep terug naar de ingang en was zo goed als doorweekt.

Blotevoetenlopers horen passanten wel eens vragen: ‘Schoenen verloren?’. Persoonlijk heb ik deze vraag nog nooit gehad, maar ik zou die vraag vandaag bevestigend hebben kunnen beantwoorden.

Bij de auto aangekomen legde ik eerst mijn schoenen en gps-device op dak. Omdat ik meestal blootsvoets rijdt miste ik ze niet. Onderweg naar huis besloten de verstekelingen gezamenlijk ongemerkt van het dak te glijden. Toen ik daar thuis achterkwam ging ik meteen terug om ze te zoeken. Ik zag ze liggen op de Mollaan. De Garmin op de strepen in het midden van de weg met een klein barstje in het scherm en de schoenen in het gras in de berm.

Happy Running Strand- en Duinloop eindigt in bloedbad

Wat voorheen de Happy Running Strandloop was, met een parcours volledig over het strand, is nu de Happy Running Strand- en Duinloop. De route is nu een stuk gevarieerder met eerst een stuk strand, een stukje over de Zuidpier, de Boulevard, het wandelpad langs de bunkers, wat leuke haarspeldbochtjes, het Zeewinden(fiets)pad, het wandelpad langs het Kennemermeer en via de parkeerplaats naar de finish bij paviljoen Noordzee. Dit is een parcours van 5km. De deelnemers van de 10km liepen dit rondje 2x. Ik ook dus.

Foto: Ton van Steijn
Parcours
Parcours: rondje van 5km en 50 hoogtemeters

Voor de start wist ik nog niet zeker of ik zonder schoenen zou gaan lopen. Er was niet veel tijd om daar over na te denken, dus trok ik ze maar uit. Het was een graad of 3/4 met een ijzig windje. Gelukkig stond ik slechts 2 minuten in het startvak. Het stuk strand ging prima, er lagen wel veel scheermesjes, maar die leggen het meestal af tegen blote voeten. Daarna volgde een stuk asfalt met plassen water. Hier koelden mijn voeten flink af. Ik kon de structuur van het asfalt niet goed inschatten want het gevoel was grotendeels uit mijn voetzolen verdwenen, maar het zag er niet comfortabel uit. Ergens wist ik dat ik onverstandig bezig was en bedacht me dat ik voor het tweede rondje beter even naar binnen kon lopen om mijn schoenen aan te doen.

Wegwijzende verkeersregelaars genoeg langs het parcours. Dat voorkwam echter niet dat ik de ingang van een duinpad miste. Bril niet op. Gelukkig hoefde ik niet terug en kon even verderop tussen de ijzerdraden van het hek door glippen en verloor mijn positie niet. Dit was het pad langs en over de bunkers. Een schelpenpad, dus ook niet ideaal, maar gelukkig kan je hier ook over het gras lopen. Daarna een stuk over een fietspad met ruwe klinkers. Ik had geen last van mijn voeten, want ik voelde niets. Ik werd nog gewaarschuwd voor punaises. Daar trapte ik niet in want die had ik vaker gehoord.

Toen ik aan mijn tweede rondje was begonnen was ik mijn plan om schoenen aan te doen vergeten. Ik had het inmiddels warm, op mijn voeten na dan. Maar daar was, zo te voelen, niets mis mee. Heel geleidelijk liep ik in op een voorganger en op het bunkerpad kon ik hem genadeloos inhalen. Zonder al teveel moeite kon ik stevig doorlopen naar de finish. Ik werd 12e (van 57) bij de heren met een tijd van 47:38. 2 jaar eerder, toen het nog een pure strandloop was, liep ik hier 2 minuten sneller.

Ik had geen andere blotevoetenlopers gezien, dus, waarschijnlijk was ik deze keer de enige. Toen ik naar binnen liep ontdekte ik dat ik een spoor van bloeddruppels achterliet. Een wondje aan de zijkant van mijn voet. Ik had daar tijdens het lopen niets van gemerkt. Omdat het er niet heel ernstig uitzag, trok ik mijn schoenen aan, dronk nog een kop koffie en liep naar de parkeerplaats. In de auto bemerkte ik nog een ander bloedspoor. Deze keer op mijn boven- en onderbeen, Maar geen wond of pijn te bekennen. En toen ik het huis binnenstapte ontwaarde ik stekende pijnen aan mijn voetzolen. Ik bleek weer eens bloedblaren te hebben.

Bunkerpad
Bunkerpad

Het bloedbad mocht te pret niet drukken. Het weer een mooie ervaring. Een leuk kleinschalig loopevenement (122 deelnemers) met een gevarieerd parcours en een uitstekende organisatie. Tot volgend jaar. Dan doe ik teenschoenen aan.

 

Blootsvoetse onbekenden

Parkeerplaats Bleek en Berg - Eén van de ingangen van Nationaal Park Zuid Kennemerland
Parkeerplaats Bleek en Berg

Zondagochtend, half 10. Spitsuur in de duinen. Ik verliet vanochtend op dat tijdstip de duinen via parkeerplaats Bleek en Berg, één van de ingangen van Nationaal Park Zuid Kennemerland. Daar was inmiddels zo’n grote instroom van lopers dat ik het pas in de gaten had toen ze grotendeels voorbij waren. Een groepje van ongeveer 10 lopers waarvan minstens 3 (waarschijnlijk meer) blotevoetenlopers. Ze liepen op dat moment nog over een met kleine steentjes bedekte parkeerplaats alsof het vloerbedekking was. Ik had mijn bril niet op maar had niet het idee dat ze me bekend voorkwamen. Wie waren dat?

Dit was mijn oproep via de Facebook Groep Barefoot Running NL. Ruth opperde dat het deelnemers van een blotevoetenwandeling konden zijn, maar op dat tijdstip en die plek was er volgens blotevoetenwandelingen.nl geen enkele ongeschoeide wandeling. Bovendien liepen ze hard en waren ze gekleed als hardlopers. Tot nu toe geen enkele reactie van iemand uit het betreffende groepje. Mochten die reacties nog komen, dan wordt dat hier uiteraard vervolgd.

Blotevoetenwandeling Duin en Kruidberg

Op het platform blotevoetenwandelingen.nl zag ik voor het eerst dat er ook wandelingen bij ons in de buurt werden georganiseerd. Het lijkt erop dat er steeds meer barefoot-enthousiastelingen bijkomen die anderen willen laten ervaren dat het lopen op blote voeten meer is dat het uittrekken van je schoenen.

blotevoeten wandeling groepNieuwsgierig als ik ben op het gebied van blote voeten, schreef ik mijn dochter en mijzelf in en namen we deel aan een wandeling bij ons in de buurt, onder leiding van Corina Busman. Hoewel er meer mensen op de parkeerplaats (het afgesproken verzamel- en vertrekpunt )aanwezig waren, was het al meteen duidelijk wie er voor de blotevoetenwandeling kwamen. Dat waren, niet heel vreemd, uiteraard de mensen zonder schoenen. De opkomst kon beter, maar we gingen toch nog met 6 mensen op pad. Het was leuk dat er ook een jongen meeliep van dezelfde leeftijd als mijn dochter.

We beklommen de Koepelberg. Het was meer een ontdekkingstocht dan een wandeling. We deelden ervaringen over de verschillende ondergronden en Corina, die verstand heeft van wilde eerbare planten, liet ons onderweg zien en proeven wat we konden eten. Een mooie groene bodembedekker, waar ik anders achteloos langsloop, bleek een smakelijk kruid te zijn, Daslook. En als je brandnetels op de juiste manier plukt, prik je je niet. Met enige aarzeling stopte ik uiteindelijk zelfs een brandnetelblad in mijn mond om te ontdekken dat dit kon en dat de smaak ook best aardig is. We plukten brandnetels, die verdwenen in een thermosfles met heet water. We liepen o.a. over mos, schors, naalden, bosgrond, zand, gras, boomstammen en bladeren.

Het was wel wat frisjes. Als je dan over bladeren of dennennaalden loopt is dat een stuk aangenamer dan koude bosgrond. Ik ben gewend om hard te lopen op blote voeten. Dan krijg ik niet zo snel koude voeten. Dat kan zelfs nog op een bevroren ondergrond. Maar nu kreeg ik dus koude voeten.

Bij het uitkijkpunt op de Koepelberg gingen we in de zon zitten onder het genot van een kopje verse brandnetelthee. Heerlijk. Ik zag dat er een draad met kapotte ballonnen in de struiken hing. Deze hebben we losgemaakt en afgevoerd. Dieren kunnen hierin verstrikt raken of het aanzien voor voedsel.

Na afloop gingen we nog even met onze voeten in een regen- en modderplas. Thuis deden we onze voeten in een lauwwarm weldadig voetenbadje met meegekregen kamillethee waarna de voeten weer mooi schoon waren en heerlijk begonnen te gloeien.

Voor Corina is wandelen op blote voeten onderdeel van het krijgen van een sterkere verbinding met de natuur en met de seizoenen. Ik had dit zelf al (hardlopend) ervaren, maar als je wandelt kan je het allemaal een stuk bewuster beleven. Bij het hardlopen ben je bijna continu bezig met waar je je ene dan wel je andere voet neerzet. Dan heb je, vooral op de wat meer aandacht vragende paden, weinig tijd om te zien wat er om je heen gebeurt. Dit moet ik vaker doen.

Wil je ook eens meewandelen? Kijk dan op blotevoetenwandelingen.nl voor de eerstvolgende blotevoetenwandeling bij jou in de buurt.

Scheveningen Zandvoort Marathon 2016 – BF

Net zoals in 2013 met de fiets, de trein en de bus naar Scheveningen. Daar aangekomen was er nog een uur over voor koffie, cake, banaan, oranje hesje + startnummer in ontvangst nemen en opspelden en mijn voeten in te smeren met vaseline. Er bleken slecht 5 deelnemers (4 heren en 1 dame) de intentie te hebben om de afstand tussen de start en de finish blootsvoets af te leggen.

452069-1024px5 minuten voor de start probeerde ik een beetje warm te lopen (nog met Fivefingers aan) om nog net op tijd de schoenen in mijn rugzakje op te bergen en mij voor de startlijn op te stellen. De zon scheen maar het was genadeloos koud. Nog even wat heen en weer springen tegen de kou. Het werd 11 uur. Maar in plaats van een startschot hoorde ik een door de tegenwind onverstaanbare openingstoespraak. Uiteindelijk toch dat startschot en we begonnen te lopen naar het zuiden, 3 km, wind mee. Ik was begonnen aan mijn eerste marathon op blote voeten.

IMG-0377Al heel snel had ik 2 blotevoetenlopers voor mij en 2 blotevoetenlopers achter mij. Eigenlijk had ik het wel leuk gevonden om samen met Ruth en Hans de hele afstand af te leggen, maar ik koos mijn eigen tempo te gaan lopen. Zonder klokje of hartslagmeter, want dat doe ik nooit. Op gevoel dus. Ik merk aan mijn ademhaling wel of ik te snel ga. Bij het keerpunt kreeg ik al meteen het vermoeden dat de stevige koude wind misschien wel parten zou gaan spelen.

De eerste verzorgingspost was na 6 km bij het voor de 2e keer passeren van de startlijn. Ik had inmiddels geleerd om bij elke post wat te eten en te drinken om de maag op gang te houden.

Al gauw bleek het niet dragen van schoenen een aardig voordeel. Waar de geschoeiden krampachtig een smalle en/of ondiepe oversteek van een stroompje probeerde te forceren, kon ik gewoon rechtdoor. Mijn natte voeten waren immers binnen 3 tellen weer droog.

De tweede verzorgingspost, bij Wassenaarse Slag, diende zich al snel aan. Eten, drinken en snel verder.

Met het naderen van Katwijk aan Zee werd het drukker en drukker op het strand. De zon scheen, geen wolkje aan de lucht. Weer om naar buiten gelokt te worden. Lekker met de hond naar het strand. Ergens zou daar een enorme inham moeten opdoemen, maar ik zag hem niet. Even later werd ik langs pylonen van het strand geleid en de inham kwam in beeld. Er liep een pad van een soort kassein langs de inham. Gelukkig kon je ook een stukje omlaag in het zand lopen.

Eenmaal weer op het strand was daar verzorgingspost drie. Eten, drinken en snel verder.

Het lopen ging nog steeds voorspoedig en ik besefte dat ik op de helft was. Dat klopt dus niet want de marathon begint volgens mij pas bij 30 km, dus ben je bij 36 km pas op de helft. Ik zag Noordwijk aan Zee vaag opdoemen en probeerde niet te veel in te verte te kijken. Dat deed ik de vorige keer en dan lijkt het eerder of je achteruit gaat dan vooruit. Om mezelf nog wat extra te belemmeren in het vooruit kijken had ik mijn bril niet op.

Ik probeerde een stukje hoger te lopen dan vlak langs de waterlijn. Meestal was hier het zand nog hard genoeg en ik kon hier een stuk rechter lopen. Behalve op de standen van de badplaatsen. Door het omgewoelde zand zocht ik hier de waterlijn op. In Noordwijk aan Zee was het nog drukker dan Katwijk aan Zee. Je moest je een weg banen tussen de mensen en de honden. En iedereen moest zo nodig langs de waterlijn lopen. Sommige honden renden spontaan een stukje mee en één (natte) hond keek niet uit waar hij liep en botste zijwaarts hard tegen mij op. Ach, soms is elke afleiding welkom als je zo lang moet rennen.

23,4 km, verzorgingspost vier. Eten, drinken en snel verder.

640px-Marine_Radiostation_Noordwijk_01Ik keer per ongeluk in de verte en zag daar een antenne, waarvan ik het idee had dat dit Langevelderslag moest zijn. Die antenne kwam gek genoeg niet dichterbij. Bovendien was dit een vrijwel leeg stuk strand. Saai, eindeloos…

Opeens zag ik vanuit mijn ooghoek iemand in tegengestelde richting rennen. Ik keek even goed en zag dat het Ruud was. Hij was van plan mij tegemoet te lopen en kwam precies op het goede moment. Hij had met de wind mee gelopen maar moest nu ook de feiten aan den lijve ondervinden. Het ene na het andere kledingstuk kwam tevoorschijn uit de rugzak en ging aan. Het was heel aardig van hem om mij uit de wind te houden.

Daar was verzorgingspost vijf, Langevelderslag. 30,1 km. Eten, drinken en echte werk kon beginnen.

Dit was een lastig stuk. Weer een leeg, saai en eindeloos stuk strand met in de verste verte Zandvoort. Alleen aan de oranje en gele stipjes ver voor en ver achter ons was nog op te maken dat ik deelnam aan loopwedstrijd.

Het duurde en het duurde, maar uiteindelijk was daar Zandvoort en verzorgingspost zes. Deze was een stukje het strand op. Terwijl ik wat at en dronk zag ik ver weg aan de waterlijn een paar andere deelnemers deze post voorbij lopen. Ik vertrok voor het laatste stuk.

DSC01015-600pxHet Zandvoortse strand was levendig, maar lang niet zo druk als Noord- en Katwijk. Waarschijnlijk waren de meesten verstandig genoeg om achter het glas in de zon plaats te nemen. Ruud hield mij nog steeds uit de wind en was tevens mijn pacer, uiteraard ook blootsvoets. Het beste was er nu wel uit, maar mijn voeten, die klaagden niet. Het was dat het de bedoeling was dat ik naar de finish moest lopen, anders zou ik het nu wel mooi geweest gevonden hebben. Door de flinke tegenwind kon je de speaker van de finish al ruim een kilometer van tevoren horen. De finish was bovenaan het strand. Ik nam de kortste weg, een rechte lijn. Dat betekende: steeds muller zand. Dat kon er ook nog wel bij. Nog 200 meter. Ik dreigde de verkeerde kant op te lopen en werd door de speaker de juiste richting op gepraat. Hij merkte wel op dat ik op blote voeten was, maar geen woord over dat ik tweede was geworden in deze categorie. Als er een podium voor het barefootklassement zou zijn zouden er meer mensen op het podium gestaan hebben dan ernaast.

Na afloop dronk ik een biertje met mijn broer en ging vervolgens op zoek naar de pendelbus. De onderkant van mijn voeten was behoorlijk gevoelig. Er stonden al wel een paar lopers op de bus te wachten. Die hadden geen idee hoe laat die bus zou komen. Een OV-bus bleek over 13 minuten richting Haarlem te gaan. Toen zag ik ineens Ruth en Hans. Ik kon een lift krijgen naar het station, waar mijn fiets stond.

IMG-20160315-WA0001Ik was amper op tijd thuis om weer te vertrekken. We gingen met het gezin en mijn ouders pannenkoeken eten op het Kopje van Bloemendaal. Toen ik daar aan tafel zat begonnen mijn tenen vreselijk pijn te doen. Het teken dat er weer bloed doorheen ging stromen. Ik moet dus onderweg koude voeten gehad hebben. Later op de avond ontdekte ik 7 blaren. Een paar ter grootte van een speldenknop en paar iets grotere. Ze waren niet heel goed te zien onder die dikke huid, maar wel goed te voelen. Ik besloot ze niet door te prikken.

In mijn uitslag geen spoor van een categorie ‘blote voeten’.

Het is nu 2 dagen later dat ik dit verslag afrond en ik voel me weer als nieuw. Wat zal ik nu weer eens lopen?