Ooit liep ik wel eens hard

Ik deed mijn ogen open. Volgens mij was het nog donker buiten. Ik maakte de wekkerradio wakker en al luisterend werd het licht. Tijd om eruit te gaan. Ik deed het een en ander aan en wilde de fiets pakken richting de Oosterplas. Hardlopen was blijkbaar niet vanzelfsprekend. Ik had al bijna twee weken niet hardgelopen. Voor het laatst was in Chaumont le Bois, in de buurt van Dijon op de terugreis van onze vakantie. Ik bedacht dat het een goed idee was om weer te gaan rennen. Ik deed de voordeur achter mij op slot en ging op weg. Onze kat Cello kwam net de hoek om en rende aan. Ik opende de voordeur en liet hem naar binnen. Ik ging opnieuw op weg.

Het regende en was niet koud. Behalve razende auto’s op de Randweg was er onderweg geen waarneembare menselijke activiteit. De parkeerplaatsen bij en in de duinen waren nog leeg. Zo vroeg was het ook weer niet. Misschien het weer dat mensen weerhield. Ik arriveerde aan de noordoostkant van de Oosterplas. Eén vroege vogel had hier zijn fiets al geparkeerd. Ik liep naar de zuidkant, het kleine strand van het duinmeer.

Aan een tak hing een bikinitop en en bos sleutels, die hingen er gisteren ook al. Ik ging het water in en zwom. Aan de westoever graasde een groepje reeën. Ik zwom verder. Iets noordelijker zag ik nog een groepje reeën. Deze renden heen en weer langs het water. Om mijn heen zwommen eenden, meerkoeten en fuuten. Zodra ik te dicht in de buurt kwam zwommen ze in een grote boog om mij heen. Uiteindelijk kwam ik aan de overkant, het grote noordoostelijke strand. Het begon harder te regenen en besloot terug te zwemmen. Daar ondervond ik, op de druppels op mijn bril na, weinig hinder van. Vlak voor mij zwom een jong fuutje. Die had nog niet van zijn ouders geleerd dat mensen gevaarlijk zijn. Toen ik dichtbij kwam vond hij dat toch wel eng en dook onder water.

Eenmaal teruggezwommen verliet ik het water. Tegelijkertijd betradenl aan de oostkant twee mensen het water. Met mijn schoenen in de hand liep ik naar de ingang en deed mijn schoenen aan en begon weer te rennen. In gedachten verzonken was ik thuis voor ik het wist.

Hazenberg het haasje

Ik had me ingeschreven voor de 42 kilometerafstand van de Ultra Tour de la Motte Chalancon, de Trail des Aiguilles. De loop is over 2 weken. Dus ik heb nog wat tijd om te trainen. Veel hoogtemeters maken dus.

Top van de Hazenberg met op de achtergrond de Noordzee

Vandaag was de Hazenberg het haasje. Daar een soort van bloempatroon gelopen. Er zijn 3 paden naar de top. Als je een bepaald patroon loopt, loop je alle paden een keer op en af. Dat werkt als volgt: Je houdt steeds rechts aan, behalve op de top, daar houdt je links aan. En dat kan natuurlijk ook andersom.

Vlakbij Hazenberg. Onder deze lage boomgewelven krijg je een huiselijk gevoel.

Daarna heb ik blootsvoets nog wat hoogtemeters bij de Oosterplas gemaakt. Als je vanaf de oever naar het hoogste punt klimt, heb je maar liefst 13 hoogtemeters verwerkt.

Ik kwam vandaag tot >600 hoogtemeters. Dat zijn er nog erg weinig in verhouding met die 2400 hoogtemeters over 2 weken. Klik op het kaartje om de activiteit in Strava te bekijken.

Groepszitkuil voor Duitse naturisten

Werk in uitvoering

Een paar weken geleden liep ik tussen strandopgang Duin en Kruidberg en strandopgang Kattendel. Niet over het strand maar tussen de eerste duinenrij en het hek. In de verte zag ik een onnatuurlijk stuk duin. Even later bleken er op dat moment meerdere graafmachines deze zandberg aan het ophogen te zijn. Het leek wel of ze een gigantische kuil aan het graven waren. Misschien bezig met een opgraving van iets.

De kuil vanaf de achterrand, die voetsporen zijn van mij

Eergisteren liep ik in omgekeerde richting, van Kattendel naar Duin en Kruidberg. De graafmachines waren weg. De zandberg is blijkbaar klaar. Het is een verhoogde kuil met daar omheen een wal van zand met een grote opening naar de zee gericht. Zie het resultaat bovenaan dit artikel. Ik dacht, dit is misschien een enorme kuil voor Duitse toeristen. Dan hoeven ze niet zelf te graven. En omdat deze zandsculptuur zich op het naaktstrand bevindt dacht ik: dit is misschien een groepszitkuil voor (Duitse) naturisten. Als de wind niet pal uit het noordwesten komt zit je hier beschut. Bovendien zitten de nakende badgasten in deze kuil minder in het zicht van geklede voorbijgangers. Of het object hier daadwerkelijk voor bedoeld is weet ik niet.

Blik op zee vanuit de zitkuil

Ik had er een foto van gemaakt willen hebben, maar dat bedacht ik me toen ik er alweer honderden meters vandaan was. Gisteravond maakte ik nog een tochtje op de fiets naar strandopgang Kattendel en ging vanaf daar nog een stukje (blootsvoets) lopen over het strand voor en tijdens zonsondergang. Ik liep de kuil in. Deze was niet in gebruik. Ik maakte wat foto’s en nog meer foto’s van de naderende zonsondergang.

Zonder schoenen aan fietste ik vervolgens naar huis via de Zeeweg. Eenmaal thuis duurde het lang voordat mijn voeten weer warm werden.

Update 3 juli 2019

Lees hier de ontknoping van het verhaal.

Laatste rondje duinen na mijn werk

Nog even een rondje door de duinen na mijn werk. Dat doe ik graag. Net zoals gisteren. Zonsondergang 18:37, dus dat kon nog prima. Uiteindelijk werd het een kort en langzaam rondje. Fiets bij Oosterplas, naar Starreberg, Koekoeksbos en weer terug naar de Oosterplas. Niet vanwege de dreigende zonsondergang, maar door een probleem met de energietoevoer waarschijnlijk door de vrijdagmiddagborrel (1 biertje en wat chips). Meestal zorgt niet-eten voor de juiste energieniveaus. Ik kreeg daardoor een energiedip, een soort man-met-hamer. Wandelen ging echter prima en 10 minuten later kon ik weer gaan dribbelen. Maar toen was ik al weer bijna bij mijn fiets en vond het wel weer mooi geweest.

Aankomende week (herfstvakantie) werk ik niet en kon ik dus ook geen loopjes na mijn werk inplannen. Volgend weekend gaat de klok vooruit en de eerste kans om na mijn werk te lopen gaat de zon al onder om 17:15 uur. Precies de tijd dat ik klaar ben met werken. Te laat om legaal de duinen in te gaan. Dat kan pas weer in februari. Dat wordt de komende tijd buiten de weekenden dus lopen in het donker en niet in de duinen.

Zeer vroeg ochtendrondje

Toen mijn dochter weer eens erg laat thuiskwam, werd ik weer eens erg vroeg wakker. Klaarwakker. Ik ging eruit, nam een kop koffie en reed naar de Bergweg. Rugzakje om en lopen maar. Het was inmiddels 5 uur en al licht. Na een klein stukje lopen nam ik eerst een duik in de Oosterplas, deed mijn schoenen niet aan en liep toen via o.a. het Laarzenpad (dicht vanwege ‘hoog water’ terwijl het bijna kurkdroog was) en opgang Parnassia het strand op. Er stond een aardig windje uit het zuidwesten. Ik liep een stukje noordwaarts en ging er weer af bij Kattendel. Ik liep nog even lang het meertje zonder naam om er een paar foto’s te nemen en ging vervolgens weer terug richting Oosterplas. Het was inmiddels 6:30 en er was al (of nog) een groepje jongeren. Ik vermoed dat ze hier vannacht na het stappen terecht zijn gekomen.

Meertje zonder naam
Nieuwsgierig hert
Oosterplas wordt wakker

Avondrondje

Wat later op de avond stalde ik mijn fiets in de duinen. Ik had mijn bril niet op en begon te lopen. Ik zag iets vreemds naast het pad liggen maar besteedde er geen aandacht aan. Ik zwom in het meertje zonder naam. Een ree die blijkbaar wat wilde komen drinken zag mij en liep ongelaafd weer weg. Daarna trok ik geen schoenen aan. Ik moest opschieten, want de zon dreigde onder te gaan. Ik ging sneller lopen. Toen ik een fietspad passeerde reed er een boswachtersauto voor mij langs. Deze stopte niet, hoewel de zon volgens mij zojuist onder was gegaan. Ik voerde mijn snelheid flink op. Het vreemde iets naast het pad lag er nog en bleek een dode kip te zijn. Heel eigenaardig. Even later stapte ik op mijn fiets en haastte mij de duinen uit. Vlakbij de uitgang reed de boswachtersauto mij tegemoet en stopte weer niet. Blijkbaar is er een tijdsmarge na zonsondergang waarbinnen mensen die zich richting de uitgang bewegen niet worden aangesproken en/of bekeurd.

Barefoot Crew loopt halve Marathon Amsterdam

Het was op een recordwarme oudewijvenzomerdag halverwege oktober. Een paar maanden eerder hadden we besloten om met 21 blootpootapen mee te doen aan de halve marathon van Amsterdam.

Met de bus van Haarlem naar het Olympisch Stadion, dat was voor mij de snelste optie. Eenmaal ingestapt was ik 26 minuten later op 9 minuten loopafstand van het stadion. Ik had voor de zekerheid een screendump van een kaartje gemaakt om de weg te vinden maar dat bleek niet nodig. Een massa felgekleurde mensen bewoog gestaag een zekere richting op. Ik ging op in die massa. Even later was het de kunst om op de afgesproken plek te komen, de brug achter het stadion. Maar er waren daar 2 bruggen. De verzamelplek werd bij een boom tussen de 2 bruggen in. Ik liep wat rond met de Crazy Barefootvlag om de barrevoeters te verzamelen. We kregen fraaie Barefoot Crew hemdjes en startnummers.

We moesten door een soort menselijke stroopachtige massa ons startvak proberen te bereiken. Aan het startschot te horen waren we ongeveer op de juiste tijd en plaats. We bewogen mee met de stroom die uiteindelijk van wachten, slenteren, wandelen, dribbelen en joggen, overging in slalommend hardlopen. 1 ding was van belang: Volg de Crazy Barefootvlag.

Na een paar kilometer kwam er wat meer lucht tussen de lopers. Ruud, de vlagdrager, zweepte met succes de toeschouwers op en kreeg ze telkens zover om ons aan te moedigen. Hij sprak ook veel lopers, die het zichtbaar zwaar hadden, moed in. Ondertussen bleek dat het asfalt van Amsterdam niet echt comfortabel loopt. Mijn blootsvoetse trainingen hadden voornamelijk plaatsgevonden op duinpaden, fietspaden en stoepen, en niet op de rijweg. Ik zocht de gladde witte wegbelijningen op om mijn voeten enigszins te ontzien. Ondanks dat er soms maar 1 van de 4 voetlandingen op een onderbroken streep kwam, gaf dat toch verlichting. De structuur van de weg was op zich aanvaardbaar, maar met nog zoveel kilometers te gaan maakte ik mij wel zorgen. Ik had mezelf nadrukkelijk geen blaren beloofd.

De verzorgingsposten boden bananen, water en sponzen. Ik at banaan maar liet de sponzen en bekers staan. Ik ben er op tegen om spullen eenmalig te gebruiken. We baanden ons een wegover de natte weg met weggegooide bekers en sponzen die gemiddeld 2 seconden in gebruik zijn geweest. Die natte sponzen liepen overigens wel zo lekker dat ik wenste dat het hele parcours van natte spons was.

Ik had van tevoren het parcours niet bestudeerd, dus ik was onaangenaam verrast toen we het Vondelpark inliepen. Ik kende het gematigd grove asfalt daar. Mijn getergde voeten begonnen pijn te doen. Ik raakte daardoor ook achter op de vlagdrager. Op een gegeven moment zag ik ineens Ruth (natural running coach en organisator van deze stunt) vlakbij lopen. Ze begon te versnellen om de vlag bij te halen en ik volgde. Nog een paar kilometer. Weer rotwegdek met amper belijning.

Gelukkig kregen we het stadion in beeld. Met de comfortabele oranje verende ondergrond van de atletiekbaan in het vooruitzicht kon ik mijn zorgen laten varen. Met rauwe voeten en wonder boven wonder zonder blaren over de finish in 02:07:56. Naast de baan was heerlijk gras dat voor ons dienst deed als blusdeken.

Iedereen bleek witte stukjes op de voeten te hebben. Kartonnen bekerpulp van bij de drinkposten. We feliciteerden elkaar en bewogen als teerzand naar de uitgang. Ik had mijn Luna’s bij me en was blij om ze onder mijn voeten te kunnen binden. Na wat bijkomen, wat foto’s en wat napraten ging ieder zijns/haars weegs.

Ik besloot de metro te pakken naar Centraal. Bij het metrostation kwam ik terecht in een ingedikte modderstroom. Een perron vol mensen drong de metro in. Eenmaal vertrokken bleek deze voor mij de verkeerde kant op te gaan. Even later stapte ik het eerstvolgende station uit om in alle rust in de metro in tegengestelde richting te stappen. Elke halte stapten er felgekleurde mensen met dikke schoenen uit totdat ik ineens een uitzondering was en de medepassasiers mij vreemd aankeken met mijn Barefoot Crewhemd met startnummer.

Thuis kreeg ik mijn voetzolen niet meer schoon. Alsof het Amsterdamse asfalt vers onder mijn voeten getatoeëerd was. En zo voelde het ook.

Dronken Del

Gisteravond liep ik blootsvoets een rondje door Nationaal Park Zuid Kennemerland. Ditmaal een verlengde versie van de Groene Route vanaf Bleek & Berg. Ik liep over de Dronken Delweg die overgaat in de Ezelweg. Maar in plaats van de Ezelweg te nemen, dan zou mijn rondje te groot geworden zijn, sloeg ik linkaf, illegaal, de Waterleidingweg op. Dit maar een klein stukje, want even later kon ik het parallel lopende Iepenpad nemen. Via het Lage Zeeveldspad kwam ik weer terug op de Groene Route.

Als je de kaart van NPZK bekijkt zie je de merkwaardigste namen zoals: Houtglop, Poppy’s kop, Dronken Del, Kattendel, Lattendel, Starredel en Vossendel, Gleuf, Adam’s Vlakje, Kaasvlak, De Hel, Verbrande Huis, Luizenpan. De benamingen van deze stukjes duin maken me nieuwsgierig naar de oorsprong ervan.

In een eerder stukje heb ik al eens een paar betekenissen kunnen achterhalen.

Ik beklom nog twee keer de Starreberg, liep in een rechte lijn, cross-country richting de Oosterplas. Hier liep ik een flinke verzameling duindoornstekels in mijn voeten op. Ik kon ze er eenvoudig weer uittrekken, behalve één. Ik nam nog een korte duik en strompelde richting de ingang en hoorde behalve allerlei vogels ook gejoel van jonge mensen en zag overal geparkeerde en liggende fietsen. De zon was inmiddels onder de horizon. Toen ik even later de zandvlakte vlakbij de ingang passeerde zag ik daar tientallen, misschien wel honderd of meer tieners schreeuwen, lachen, zitten en staan. Onderweg naar huis zag ik nog meer groepjes zandhangers aan komen fietsen richting de duiningang.

Thuis kon ik de stekel zonder al teveel moeite verwijderen met een naald, een pincet en een felle lamp.

Vanmorgen was ik vroeg wakker, even voor 4:00. Normaal gesproken ga ik dan een poging doen om weer in slaap te vallen. Ditmaal niet. Ik zette de radio aan en even later hoorde ik gestommel boven. Mijn dochter moest de bus van 5:07 op het station halen om naar Schiphol te gaan. Niet voor een vakantie maar om er te werken. Het regende flink. Mijn aanbod om haar met de auto naar het station te brengen sloeg ze niet af. Daarna had ik nog wel zin om nog een rondje door de regen te hardlopen. Ik reed vanaf het station door naar de parkeerplaats bij ingang Bleek en Berg. De jongeren waren verdwenen en hadden plaatsgemaakt voor hun afval. Het leek wel een verlaten festivalterrein. De hele parkeerplaats lag bezaaid met blikjes, flessen, bekertjes en kapotte fietsonderdelen, voornamelijk achterlichten. Ook lag er een kampeerder in het bushalte-achtige hokje met de parkeerbetaalautomaat. Toen ik terugkwam na een rondje van 5.5km + een stukje zwemmen was deze verdwenen. Naar mag ik aannemen weggespoeld en verkleumd door de regen. Dat bushokje was niet bepaald waterdicht. Ik was ook doornat maar desondanks niet koud. Het is tenslotte zomer. Vanmorgen vroeg was het reeds 17 graden.

‘Schoenen verloren?’

Deze ochtend, eigenlijk was het nog net nacht, ging ik de duinen in voor een rondje door de regen en een stukje zwemmen. Omdat ik een uitdaging bij Strava had aangeklikt, 2500hm in juli, en het is 1 juli, besloot ik alvast wat hoogtemeters te maken. Aan de noord-oostzijde van de Oosterplas rijst een duintop van een meter of 11 op, alwaar ik 10x ophoog klom. Omdat ik het daar erg warm van kreeg zocht ik even wat afkoeling in het water. Ik zwom naar de overkant terwijl het steeds harder begon te regenen. Toen ik terugzwom meende ik in de verte onweer te horen, dus haastte ik mij weer terug. Ik liep terug naar de ingang en was zo goed als doorweekt.

Blotevoetenlopers horen passanten wel eens vragen: ‘Schoenen verloren?’. Persoonlijk heb ik deze vraag nog nooit gehad, maar ik zou die vraag vandaag bevestigend hebben kunnen beantwoorden.

Bij de auto aangekomen legde ik eerst mijn schoenen en gps-device op dak. Omdat ik meestal blootsvoets rijdt miste ik ze niet. Onderweg naar huis besloten de verstekelingen gezamenlijk ongemerkt van het dak te glijden. Toen ik daar thuis achterkwam ging ik meteen terug om ze te zoeken. Ik zag ze liggen op de Mollaan. De Garmin op de strepen in het midden van de weg met een klein barstje in het scherm en de schoenen in het gras in de berm.

Zonsondergang

Nog even naar de duinen op de fiets. Fiets neergezet bij Parnassia en daarna een race tegen de klok om via de duinen bij strandopgang Duin- en Kruidberg uit te komen vlak voor zonsondergang. Ik kwam net te laat, maar door de bewolking aan de horizon bleef de zonsondergang nog even nagloeien zodat ik deze foto kon maken.